Welkom op Margriets site!

Homepage met bio en het laatste nieuws PDF's van bladmuziek met composities van Margriet Verbeek PDF's met bladmuziek van volksliedjes en lichtklassieke muziek voor twee blokfluiten en klassiek gitaar PDF's met bladmuziek van kerstliederen voor instrumentaal trio Dubbel-CD met als onderwerp 'Natuur' - klassiek gitaar en klavier PDF's met leeg muziekpapier in tien verschillende versies Online transponeercursus Interview met Margriet Verbeek Recensies van composities van Margriet Verbeek

E-books voor e-reader in PDF, ePub en TXT Fantasy De verlorenen, door Margriet Verbeek Kerstverhalen om online te lezen, te printen of te downloaden voor e-reader Fantasy De troostlelie, door Margriet Verbeek Veelgestelde vragen Het hoe en waarom van het donatiesysteem Kleurpotloodtekeningen, gemaakt op Vlieland Linksverzameling Overzicht van deze site E-mail naar Margriet Verbeek

 
Transponeren - Stap voor Stap
gratis online muziekcursus

 
Wat is transponeren?

Stel: Je bent klarinettist en je wilt samenspelen met je buurmeisje dat
dwarsfluit speelt. Je pakt haar boek, en samen begin je aan het eerste
melodietje op bladzijde een.
Hoe lang zal dit samenspel duren denk je?
Ik schat niet langer dan een seconde of drie...
Het klinkt AFGRIJSELIJK ! ! !

Hoe komt dat?

Als een dwarsfluitist een C ziet staan en die speelt, dan klinkt er
inderdaad een C, want dwarsfluit is geen transponerend instrument.
Maar als een bes-klarinettist een C ziet staan en die speelt, dan is de
noot die klinkt geen echte C, maar een Bes.
De noot klinkt dus een hele toon lager dan er staat.
Zolang de klarinettist alleen speelt, of samen met andere instrumenten
die ook bes-instrumenten zijn, is er niets aan de hand, maar als de
klarinettist samen wil spelen met een niet-transponerend instrument
zoals fluit, piano, keyboard, viool, en nog heel veel andere instru-
menten, dan moet de klarinettist zijn partij overschrijven in een
andere toonsoort, waardoor de tonen zo klinken dat ze bij dat andere
instrument passen.
Het transponeren is samen te vatten in drie stappen:

1 - de juiste voortekens noteren.
2 - de noten secuur overschrijven in de juiste toonhoogte.
3 - de toevallige voortekens invullen.

Hoe we dat precies gaan doen leren we hieronder.

T I P !
Als je snel naar beneden scrolt en vluchtig hier en daar wat leest en
bekijkt, dan lijkt het een lang en ingewikkeld verhaal.
Doe dat dus niet!
Bekijk elk blok van deze pagina op je gemak, een voor een, neem er de
tijd voor, en schrijf het notenvoorbeeld ook werkelijk een keer over.
Als je dat gedaan hebt zal je merken dat het niet moeilijk is.



Hoe kom ik erachter of mijn instrument een transponerend
instrument is?

Speel een C op jouw instrument en vergelijk de toonhoogte die je hoort
met een C die je op een piano aanslaat. (of een orgel of keyboard.)
Als de C die jij op jouw instrument speelde even hoog klinkt als de C van
de piano, dan is je instrument GEEN transponerend instrument.

Als de noot die op jouw instrument C heette op de piano een Bes is,
dan heb je een Bes-instrument.
Is jouw C op de piano een A? Dan heb je dus een A-instrument, enz.

Kom je er op deze manier toch nog niet achter, vraag het dan aan
iemand die op eenzelfde instrument speelt, of bijvoorbeeld aan je
muziekdocent, of aan een verkoper in een muziekwinkel.

Als je weet naar welke toonsoort je transponeren moet, dan mag je
doorgaan met het volgende blok:

 



Klik op onderstaande links om te leren transponeren voor:
 
 
een Bes-instrument (Si bemol)
(bijv. bes-klarinet, trompet of tenorsaxofoon)
 
een Es-instrument (Mi bemol)
(bijv. altsaxofoon of baritonsaxofoon)
 
een F-instrument (Fa)
(bijv. f-hoorn of althobo)
 
een A-instrument (La)
(bijv. a-klarinet)
 

Transponeren voor Bes-instrumenten
Stap 1 - Voortekens


Stel je voor dat we het volgende melodietje samen willen gaan spelen
met een viool, dan zullen we het eerst moeten aanpassen voor ons
bes-instrument. Pak dus een vel muziekpapier, een potlood en een
gum, dan gaan we beginnen.

(Voor 't geval je geen muziekpapier hebt: onderaan deze pagina vind je
een link naar gratis te printen leeg muziekpapier.)

 
Voorbeeldmelodie:


 
Je ziet dat er tussen de G-sleutel en de maataanduiding een mol staat.
Die kun je niet zomaar overschrijven, want omdat wij in een andere
toonsoort gaan spelen gebruiken we ook andere kruizen en mollen.
Dat wordt dus de eerste vraag die we ons moeten stellen:
Welke voortekens hebben wij nodig?
In het geval van 1 mol is dat 1 kruis; een fis.
Op je vel muziekpapier kun je nu dus de G-sleutel schrijven, daar-
achter de fis, en daarachter de maataanduiding.
Dat brengt ons tot het volgende resultaat:

 

 
Hoe weet je nu welke kruizen of mollen je moet schrijven aan het
begin van de notenbalk?
Daarvoor kijk je op de tabel hieronder.
Zoek in de linkerhelft de kruizen of mollen zoals ze staan in de
muziek die je transponeren wilt, dan zie je daarachter staan welke
voortekens je nodig hebt voor een bes-instrument.

 

Tabel van Voortekens
voor Bes-instrumenten

 

 

Geen kruizen en geen mollen in de oorspronkelijke muziek?
Schrijf twee kruizen: een fis en een cis.


 

Een mol in de oorspronkelijke muziek?
Schrijf een kruis: een fis.


 

Twee mollen in de oorspronkelijke muziek?
Dan hoef je voor jouw instrument geen voortekens te gebruiken.


 

Drie mollen in de oorspronkelijke muziek?
Schrijf een mol: een bes.


 

Vier mollen in de oorspronkelijke muziek?
Schrijf twee mollen: een bes en een es.


 

Vijf mollen in de oorspronkelijke muziek?
Schrijf drie mollen: bes, es, as.


 

Zes mollen in de oorspronkelijke muziek?
Schrijf vier mollen: bes, es, as, des.


 

Zeven mollen in de oorspronkelijke muziek?
Schrijf vijf mollen: bes, es, as, des, ges.


 

Een kruis in de oorspronkelijke muziek?
Schrijf drie kruizen: fis, cis, gis.


 

Twee kruizen in de oorspronkelijke muziek?
Schrijf vier kruizen: fis, cis, gis, dis.


 

Drie kruizen in de oorspronkelijke muziek?
Schrijf vijf kruizen: fis, cis, gis, dis, ais.


 

Vier kruizen in de oorspronkelijke muziek?
Schrijf zes kruizen: fis, cis, gis, dis, ais, eis.


 

Vijf kruizen in de oorspronkelijke muziek?
Schrijf zeven kruizen: fis, cis, gis, dis, ais, eis, bis.

 


Transponeren voor Bes-instrumenten
Stap 2 - Noten overschrijven.

We hebben nu dus de sleutel, de voortekens en de maataanduiding op ons
papier staan.
Dan komen we nu aan de tweede stap: het invullen van de noten.

Als een Bes-instrument een C speelt, dan klinkt er in werkelijkheid geen C,
maar een Bes, hadden we bovenaan deze pagina ontdekt.
Vandaar dus ook dat we het een Bes-instrument noemen.

Als je nu bedenkt dat er een Bes klinkt als je een C speelt, wat zou je dan
moeten schrijven om een C te horen?
De Bes is een hele noot lager dan de C, het bes-instrument speelt dus blijkbaar
een hele noot te laag. Als we nu eens een noot hoger dan de C gaan schrijven,
een D dus, zou dat dan misschien als een C gaan klinken?
Inderdaad!
Dan is dat dus wat we moeten gaan doen.
Alle noten uit het voorbeeldmelodietje schrijven we secuur een toon hoger
over.
Heel belangrijk is nu:

Schrijf alleen de noten over!
nooit ofte nimmer de toevallige kruizen, mollen of
herstellingstekens die tussen de noten in staan ! ! !

 
Misschien denk je: Maar dan klopt het straks toch niet?
Nee, dat is ook zo, maar dat lossen we later op.
Eerst overschrijven nu, alles een toontje hoger, dus de D wordt een E,
de E wordt een Fis (dat gaat vanzelf omdat er een kruis aan de sleutel
staat), de F wordt een G, en zo gaan we maar verder: alles schuiven we
een plaatsje omhoog:

 
 

 
 

 
En dit is hoe het er dan uit komt te zien.
 


Transponeren voor Bes-instrumenten
Stap 3 - Toevallige voortekens invullen.

 

 
 

 
Als we nu bovenstaande muziekstukjes met elkaar vergelijken zien we
natuurlijk meteen dat de derde maat zo nog niet klaar is.
In de oorspronkelijke muziek staan daar een herstellingsteken en een kruis,
wat doen we daarmee in onze overgeschreven muziek?
Gewoon overschrijven? Dus OOK een herstellingsteken en een kruis?
In geen geval!
Het zou trouwens ook nergens op slaan, want kijk maar, dan zouden we
een herstellingsteken voor de C zetten, maar die is in de voorgaande
maten toch nergens verhoogd of verlaagd?
Dat herstellingsteken zou dan toch geen enkele betekenis hebben?

Als we transponeren vergeten we eventjes de woorden: 'Kruis', 'Mol' en
'Herstellingsteken'. Daarvoor in de plaats kijken we wat ze precies DOEN
met de noten, en daarna besluiten we of we ze 'Verhogingsteken' of
'Verlagingsteken' noemen.

Een kruis VERHOOGT, dus noemen we dat een 'Verhogingsteken'.
Een mol VERLAAGT, dus noemen we dat een 'Verlagingsteken'.
Een herstellingsteken voor een Fis VERLAAGT de Fis naar F, in dat
geval noemen we het een 'Verlagingsteken'.
Een herstellingsteken voor een Bes VERHOOGT de Bes naar B, in dat
geval is het dus een 'Verhogingsteken'.

Kijk nu nogmaals naar ons notenvoorbeeld:.
 


 
Voor de Bes in de derde maat staat een herstellingsteken.
Wat doet dat herstellingsteken?
Het herstelt de Bes, het maakt er een B van, het VERHOOGT dus de noot.
Het is een verhogingsteken.
Dan moeten we in onze overgeschreven muziek ook een verhogingsteken
zetten voor de C.
Wat een is een verhogingsteken voor een C?
Juist, een kruis!

Voor de C in de noot daarna staat een kruis. Een verhogingsteken.
Dan moet ook onze D een verhogingsteken krijgen, dat is ook een kruis.
Zo komen we op het volgende resultaat:

 


 
En hiermee is de getransponeerde partij klaar, en kun je het gaan
samenspelen.
Op deze zelfde manier kun je alle muziek transponeren.

Er blijft echter nog één probleempje over waar we het nog niet over
gehad hebben.
Als we er nu van uitgaan dat je dwarsfluit- of vioolmuziek voor je had
liggen, die je op bovenstaande wijze getransponeerd hebt voor bes-
klarinet, is het zo inderdaad in orde, maar stel dat je diezelfde dwarsfluit-
of vioolmuziek op je tenorsaxofoon wilt spelen?
Een tenorsaxofoon is immers ook een bes-instrument!
Maar je kunt toch op je klompen aan aanvoelen dat een groot, laag
instrument als de tenorsaxofoon meestal veel lager zal spelen dan een
dwarsfluit of een viool.
Als je op je tenorsaxofoon dus dwarsfluitmuziek zou willen spelen die in
hetzelfde oktaaf klinkt als bij de dwarsfluit, dan moet je het NA het op
bovenstaande wijze getransponeerd te hebben OOK nog eens opnieuw
overschrijven en alle noten een heel oktaaf hoger noteren.
Meestal zal het dan echter te hoog komen te liggen voor de tenorsaxofoon.
Meestal kan een tenorsaxofoon dan ook niet zomaar een dwarsfluitpartij
spelen.
Wat je dan moet doen?
Je kan het een oktaaf lager proberen, eens luisteren hoe dat klinkt, of je
zoekt een andere partij die beter bij je instrument past.

Veel succes ermee!

Margriet Verbeek
 


 
 

 
Wat zou het mooi zijn als alles op internet gratis te downloaden was...
Maar hoe komen leraren, componisten en schrijvers dan aan een inkomen?
 
Via het vrijwillige donatiesysteem.

 

Als iedereen die het betalen kan, vrijwillig een donatie overmaakt,
kunnen de mensen met minder geld de PDF's gratis downloaden.
 
Sceptische mensen vragen me dan ongelovig: 'En werkt dat echt?'
Ja hoor! Het werkt echt.

 
 

 

 

 
English translation please...
 
Ik wil wel een donatie overmaken, maar niet via PayPal...
 

Compositielessen  -  Klarinet  -  Saxofoon  -  Dwarsfluit  -  Beiaard  -  Blokfluit  -  Orgel  -  Piano
Harmonium  -  Marimba  -  Keyboard  -  Mezzosopraan  -  Mandoline  -  Gitaar  -  Mandola  -  Viool
 
 
Gratis online: eenvoudige volksliedjes voor 2 melodie-instrumenten en gitaar.
 
Gratis online: leeg muziekpapier om te printen.

 
Tot ziens!
 
Top

URL:http//www.margrietverbeek.nl/transponeren.html
© 2005 - 2010 by Margriet Verbeek
ALL RIGHTS RESERVED